Bosch in Venice Conservation Project: Notes on conservation treatment Boek omslag Bosch in Venice Conservation Project: Notes on conservation treatment
Bono, Giulio en Maria Chiara Maida
Non-fictie, kunstgeschiedenis
2016
Jo Timmermans (ed.), "Jheronimus Bosch - His Life and His Work", 's-Hertogenbosch, 2016, pp. 34-51

Bono/Maida 2016

 

“Bosch in Venice Conservation Project: Notes on conservation treatment” (Giulio Bono en Maria Chiara Maida) 2016

[in: Jo Timmermans (ed.), Jheronimus Bosch – His Life and His Work – 4th International Jheronimus Bosch Conference – April 14-16, 2016 – Jheronimus Bosch Art Center – ’s-Hertogenbosch, The Netherlands. Jheronimus Bosch Art Center, ’s-Hertogenbosch, 2016, pp. 34-51]

 

Het ‘Bosch in Venice’ research and conservation project, dat begon eind 2013 en eindigde op 31 januari 2016, bestond uit twee fasen: de behandeling van de houten dragers en van de verflagen. In 2007 was de voorkant van de Visioenen uit het Hiernamaals reeds behandeld door Alfeo Michielotto en daarom werd tijdens de ‘Bosch in Venice’-restauratiecampagne alleen aandacht besteed aan de ‘valse marmers’ die op de achterzijde van de panelen geschilderd zijn. Toen de samenstelling van de verflaag werd geanalyseerd, toonden dwarsdoorsneden aan dat de samenstelling en de dikte van de verflagen gelijk waren aan die van de voorkant van de luiken, wat doet vermoeden dat ook de achterkanten werden beschilderd in het Bosch-atelier.

 

De tegenwoordige samenstelling van de Sint-Wilgefortis-triptiek is het resultaat van opeenvolgende ingrepen uit het verleden. Vroeger onderzoek met X-stralen (1951) en infraroodfotografie (1958) had al de aanwezigheid aangetoond van twee figuren onder de verflaag op de zijluiken. Deze stichtersfiguren werden overschilderd na de oorspronkelijke eerste schilderfase. Twee verschillende dwarsdoorsneden werden nu met elkaar vergeleken. De eerste was afkomstig van het rode kleed van de man op het middenpaneel (behorende tot de eerste versie van het schilderij) en de tweede van de mouw van de soldaat op het rechterluik (uitgevoerd tijdens de tweede fase). De gebruikte pigmenten en de dikte van de verflagen bleken hetzelfde te zijn, wat aannemelijk maakt dat de twee fasen uitgevoerd werden binnen het atelier van Bosch. Tijdens de reiniging werden op de wangen van Sint-Wilgefortis enkele sporen aangetroffen van een oorspronkelijke baard. Dit liet de kunsthistorici toe om de iconografie en de identiteit van de vrouwelijke baardheilige, die in het verleden verkeerd geduid werd, vast te leggen.

 

De huidige vorm en afmetingen van de Heremieten-triptiek zijn ook het resultaat van op elkaar volgende aanpassingen. Vandaag kunnen we vaststellen dat aan de bovenkant van de panelen drie houten stroken werden toegevoegd. Aan de binnenhoeken van de geopende luiken werden twee driehoekige stukken toegevoegd plus twee dunne stroken aan de onderkant van de luiken. In de buurt van de ingevoegde driehoek werd de vermoedelijke aanzet van de originele gebogen vorm ontdekt. Dit bewijs maakte aannemelijk dat de twee zijluiken oorspronkelijk van boven rond waren en dat zij wellicht tot een ander drieluik behoorden. Het middenpaneel, met onder de tegenwoordig zichtbare Sint-Hiëronymus een grotere versie van de heilige, kan ooit een op zichzelf staand paneel geweest zijn of een onderdeel van een ander veelluik. In het licht van deze bevindingen mag gesteld worden dat de Heremieten-triptiek waarschijnlijk het resultaat is van een assemblage. Verscheidene hypothesen kunnen in dit verband ontwikkeld worden.

 

Het materiële bewijs dat tijdens de behandeling van de drie ‘Venetiaanse schilderijen’ naar boven kwam, toont aan dat de drie werken aanzienlijke wijzigingen en beeldaanpassingen ondergingen in het atelier van Bosch.

 

[explicit 26 april 2017]